Grande amuse di fantasia - menu 115 PDF Afdrukken E-mail

HET SPROOKJE VAN DE EX-CENT-RIEK.

 

Er was eens een cent die Riek heette. Ze was in haar jonge jaren een uitmuntend geldstuk. Altijd glom ze en zelfs de inflatie leek aan haar voorbij te gaan. Niets bleek haar te kunnen deren, totdat ze op een dag in een beurs terecht kwam met allemaal stuivers. Deze waren niet alleen groter, maar ook gewichtiger als zijzelf.

De stuivers gingen ook op een manier met elkaar om -licht populair in de trant van: geef me de vijf- die ervoor zorgde dat ze zichzelf maar klein vond. Ze voelde zich nietig en bijna ongeldig. Toen ze weer onder soortgenoten kwam, bleef de confrontatie met de stuivers haar bezig houden. Ze deed haar werk nog wel, maar het fijne was ervan af. Ze werd doffer en stroef in de hand.

 

Toen ze op een dag een als zeer wijs bekend staande rijksdaalder voorbij zag komen, sprak ze deze aan en vertelde haar verhaal. Deze krabde nadenkend aan zijn zijkant en zei: "Tja, je wilt dus eigenlijk graag een stuiver zijn?". "Als dat zou kunnen" sprak Riek: "Dolgraag". "Tja" vervolgde de rijksdaalder: "Dat is wel te doen, maar het is een zware weg en meestal valt het eindresultaat zwaar tegen". "Nou, daar hoefde hij in dit geval niet bang voor te zijn" zo bezwoer Riek en ging verder: "Aan mij zal het niet liggen". "Nee'' sprak de rijksdaalder peinzend: "Dat dachten ze allemaal, maar vooruit ik zal het met de desbetreffende instanties opnemen en dan hoor je nog wel".

 

Riek was helemaal opgetogen en begon zelfs al een voorschot te nemen op haar nieuwe status: Ze begon zich wat meerderwaardig tegenover soortgenoten te gedragen en zocht al heel voorzichtig contact met passerende stuivers. De centen begonnen haar te mijden en de stuivers deden in feite niets anders. Dit had een waarschuwing moeten zijn, maar Riek was zo vol over haar toekomstige hoedanigheid, dat deze gebeurtenissen niet meer tot haar doordrongen.

 

Het duurde voor haar gevoel vele wisselbeurten, maar in feite trof ze de wijze rijksdaalder al weer vrij snel. "En?" vroeg ze gejaagd: "Wat zijn de mogelijkheden?" De rijksdaalder probeerde haar nog wel te ontmoedigen, maar dat lukte hem absoluut niet. Riek was zo in beslag genomen door de haar toe te vallen waardevermeerdering dat ze over niets anders meer wou praten. De rijksdaalder gaf haar het adres van een vrije muntslager die het karwei kon klaren en trok zich bescheiden terug.

 

De cent vloog op een drafje (centen kunnen dat in sprookjes) naar de vrije muntslager toe. Deze ontving haar niet bepaald enthousiast. In zijn blik was te lezen: O, nee daar heb je er weer eentje. Hij legde de procedure uit: smelten, bijlegeren en opnieuw slaan, maar Riek luisterde amper, ook niet toen de vrije muntslager zei dat je vanwege de dikte zou blijven zien dat ze vroeger een cent was geweest. Ze wou niets meer horen en alleen maar opnieuw geslagen worden. En zo geschiedde.

 

Toen ze weer bijkwam uit de narcose durfde ze eerst amper in de spiegel te kijken, maar toen ze keek glom ze van trots: Ze was een stuiver, en wat voor één, zo dacht ze zelf. Helaas voor haar zag ze het bedroefde en mismoedige gezicht van de vrije muntslager niet. Deze mompelde nog iets in de trant van: "Sterkte ermee", maar Riek was zo in de wolken dat ze geen zicht meer had op de werkelijkheid. Dat zou haar later nog duur komen te staan.

 

Toen ze een ietwat oudere en belegen stuiver voorbij zag komen, groette ze joviaal: "Ha, collega", maar de stuiver reageerde zeer geringschattend en zei koel: "Pardon?". "Zie je het dan niet?" zei Riek: "Ik ben ook een stuiver". "Ja, op papier wel" zei de echte stuiver duidelijk en liet Riek verbijsterd achter.

 

Het duurde even voordat Riek die klap verwerkt had. Ze dacht: wellicht met de verkeerde kant uit bed gestapt, en hield het maar op een ongelukkige samenloop van omstandigheden. De volgende stuiver die ze tegenkwam groette ze voor de zekerheid maar wat minder joviaal: "Goedenmiddag". De aangesproken stuiver keek verdwaasd om zich heen, deed net of ze Riek niet zag en mompelde: "Goh, het spookt hier platvloerse stuivers", en verdween meteen Riek verslagen achterlatend.

 

Nu begon het langzaam bij haar te dagen: Ze telde niet volop mee. Ze dacht: misschien moet ik het initiatief wel bij de echte stuivers laten en probeerde dat meteen bij de eerste ontmoeting. Helaas hielp dit niets. Ze werd compleet genegeerd en besloot het maar bij zichzelf te zoeken. Ze was per slot van rekening nu een stuiver en dat andere stuivers haar niet voor vol aanzagen daar had ze geen boodschap aan. Zo dacht ze, maar de harde realiteit was anders. Iedere keer als ze een echte stuiver tegenkwam, kreeg ze een opdoffer en ze werd dan ook steeds matter.

 

Ten einde raad besloot ze zich maar voor wat gezelligheid weer tot de centen te wenden, maar ook deze zagen haar als een vreemde. Wat ze ook probeerde en hoe nederig ze zich ook opstelde niets hielp. Ze realiseerde zich nu dat ze helemaal alleen stond. Ze was geen cent meer, maar ze was ook geen stuiver en voelde zich waardeloos.

 

Ze ging op zoek naar de wijze rijksdaalder en deze zag haar al met de nodige omslachtigheid naderen. "Wat moet ik nou?" zei Riek moedeloos. "Tja" sprak de rijksdaalder: "Er is nu geen weg meer terug". "Ja, maar" jammerde Riek: "ik wil weer graag een cent zijn". "Nee" schudde de rijksdaalder zijn wijze kop: "Dat is technisch niet mogeljk, want dan komen we vier cent tekort en dat ga ik niet uitleggen aan de baas. Overschotten worden namelijk wel geaccepteerd, maar tekortkomingen niet, wat dat betreft is dit net de grotemensenwereld".

 

"O" zei Riek, die dat een sterk argument vond: "Maar wat moet ik nu?" Tja" sprak de rijksdaalder en keek schichtig om zich heen: "Je zou nog wel een kans maken in de portefeuille van een verzamelaar, want daar ben je excentriek genoeg voor".  "Wat houdt dat precies in dan?" vroeg Riek hoopvol. "Dan hoef je niet meer te werken en je bent dikwijls meer waard, maar je merkt daar zelf doorgaans niets van" "Dus dat is een papieren functie zonder inhoud?" zei Riek gevat. "Dat heb je voor een cent snel begrepen" gaf de rijksdaalder het standsverschil fijnzinnig aan en vervolgde: "Maar het is niet iets wat ik adviseer, want het is een vrij doods leven: Je verliest namelijk na verloop van tijd helemaal je gevoel van eigenwaarde".

 

Dat leek Riek ook geen hoopvol bestaan en gedevalueerd groette ze de rijsdaalder, bedankte deze voor de moeite en mengde zich weer in het geldverkeer. Ze voelde zich echter nergens meer thuis en vervulde haar plichten met grote moeite. Ze zag nu in dat ze niet voor een dubbeltje geboren was, laat staan voor een stuiver en voelde dat iedereen haar altijd nawees: Daar gaar de ex-cent-riek, en leefde nog lang en ongelukkig.